Diensten thuiszorg > Groen- & karweidienst > Welzijn

GROEN- EN KARWEIDIENST



Groen- en karweidienst

De groen- en karweidienst biedt hulp aan 60-plussers en aan personen die door een medische of sociale problematiek moeilijkheden ondervinden bij het onderhoud van hun tuin of bij kleine karweien.

De dienst kan enkel worden ingezet wanneer die hulp niet kan worden opgenomen door kinderen, kleinkinderen of derden, ook niet door een vakman.

De hulp wordt uitsluitend geboden op het effectieve verblijfsadres van de cliënt en dus niet op een tweede verblijf.

Hoe gebeurt de aanvraag?

Alle aanvragen verlopen via de zorgcoach.

Na de aanvraag komt de zorgcoach op huisbezoek voor een sociaal en financieel onderzoek. Op basis daarvan wordt de bijdrage van de aanvrager bepaald, in verhouding tot de financiële mogelijkheden.

Na goedkeuring door het BCSD wordt de aanvraag op de wachtlijst geplaatst en verder opgevolgd door het diensthoofd thuiszorg.

Kostprijs

Voor de berekening van het in aanmerking te nemen inkomen wordt rekening gehouden met de inkomsten van alle gezinsleden.

  • maandelijks pensioen
  • driemaandelijkse of jaarlijkse pensioenen of renten, zowel binnen- als buitenlands
  • interesten op kapitaal
  • (aanvullend) leefloon
  • ziekte-uitkering
  • onderhoudsgeld voor de betrokkene zelf
  • huurinkomsten van een tweede en volgende woning(en)

Indien belasting op leegstand wordt betaald, komt men niet in aanmerking voor deze dienstverlening.

Het kadastraal inkomen van de woning die door de aanvrager zelf wordt bewoond, wordt gedeeld door 12 en toegevoegd aan het maandelijks inkomen. Als het geïndexeerd kadastraal inkomen lager is dan 1.000 euro, wordt hiermee geen rekening gehouden.

Bij de vaststelling van het inkomen gelden twee uitzonderingen:

  • Als de cliënt zelf onderhoudsgeld moet betalen, wordt dit bedrag in mindering gebracht van het maandelijks inkomen.
  • Bij een inwonend kind met een inkomen uit arbeid wordt automatisch de maximumprijs toegepast.

Het basistarief bedraagt 0,35 euro per 25 euro inkomen.

Per onderhoudsbeurt wordt voor onder meer verplaatsingskosten een bijkomend half uur forfaitair aangerekend.

Bij gebruik van sproeistof wordt ook deze kost aangerekend.

Er geldt een inkomensgrens van 1.800 euro per maand.

Jaarlijks op 1 januari wordt de bijdrage geïndexeerd volgens de toepasselijke gezondheidsindex.

De afrekening gebeurt via een maandelijkse factuur.