OUDERSCHAPSVERLOF




Inhoud


Als u meer tijd wilt om bij uw kind(eren) te zijn, kunt u ouderschapsverlof nemen. Dat verlof is, naast palliatief verlof en verlof voor medische bijstand, een van de drie 'thematische' verloven. Dat zijn wettelijk vastgelegde verloven die u het recht geven om gedurende een bepaalde periode in uw loopbaan minder of niet te werken. Verwar de thematische verloven niet met het tijdskrediet in de privésector of de 'gewone' loopbaanonderbreking in de openbare sector, want daarvoor zijn er andere regels en voorwaarden.

Voorwaarden


Welke ouders?

U kunt ouderschapsverlof nemen voor het kind van wie u ouder bent. U bent dus:
  • de biologische moeder of biologische vader

  • de ouder die het kind erkend heeft
  • de adoptieouder.
Beide ouders kunnen ouderschapsverlof nemen. Als de ene ouder zijn recht op ouderschapsverlof niet (helemaal) opneemt, kan hij dat recht niet overdragen op de andere ouder.

Leeftijdsgrens

Het ouderschapsverlof moet beginnen voordat uw kind 12 jaar wordt. Als uw kind een fysieke of mentale handicap van minstens 66% heeft, is die leeftijdsgrens 21 jaar.

In welke vorm?

Tijdens uw ouderschapsverlof kunt u ofwel:
  • helemaal niet werken gedurende 4 maanden, naar keuze op te splitsen per maand
  • halftijds werken gedurende 8 maanden, naar keuze op te splitsen in perioden van minimaal 2 maanden
  • 4/5 werken gedurende 20 maanden, naar keuze op te splitsen in periodes van 5 maanden.
U mag die verschillende mogelijkheden ook afwisselen. Als u in het onderwijs werkt, kunt u uw ouderschapsverlof in principe niet opsplitsen, tenzij de zomervakantie ertussen valt. In dat laatste geval kan dat, onder bepaalde voorwaarden, wel. Neem daarvoor contact op met uw personeelsdienst. Als u in de privésector werkt, moet u in de loop van de 15 maanden die aan de aanvraag voorafgaan, gedurende 12 maanden (niet noodzakelijk opeenvolgend) door een arbeidsovereenkomst met uw werkgever verbonden geweest zijn.

Flexibel ouderschapsverlof

Sinds 1 juni 2019 zijn de mogelijkheden om ouderschapsverlof te nemen, uitgebreid, maar alleen voor wie werkt:
  • in de privésector,
  • in de gemeente- en provinciale besturen en de diensten die ervan afhangen (OCMW, openbare ziekenhuizen of rusthuizen die afhangen van een OCMW enz.).
Als u voltijds werkt, kunt u nu ook 1/10 ouderschapsverlof opnemen. Daardoor kunt u uw prestaties verminderen met één dag om de twee weken of met een halve dag per week.
U hebt daarvoor wel het akkoord van de werkgever nodig. U komt in dat geval niet in aanmerking voor een aanmoedigingspremie. Als u voltijds en halftijds werkt, kunt u uw ouderschapsverlof  voortaan ook voor kortere periodes aanvragen. De minimale duur van voltijds ouderschapsverlof gaat van een maand naar een week. Halftijds ouderschapsverlof kan voortaan per maand opgenomen worden in plaats van per minimaal twee maanden.
U hebt daarvoor wel het akkoord van de werkgever nodig. U komt in dat geval niet in aanmerking voor een aanmoedigingspremie.

Ouderschapsverlof als recht

Uw werkgever mag het ouderschapsverlof niet weigeren. Hij kan het wel met maximaal 6 maanden uitstellen, op voorwaarde dat hij daarvoor gegronde redenen kan geven. Vanaf de datum van uw verlofaanvraag tot drie maanden na het einde van uw verlof bent u beschermd tegen ontslag.

Uitbreiding naar 4 maanden

Het ouderschapsverlof is in 2012 uitgebreid van 3 naar 4 volledige maanden. Hebt u al eerder ouderschapsverlof opgenomen, dan kunt u de resterende maand(en) ouderschapsverlof waar u eventueel recht op hebt, nog opnemen. U krijgt voor die 4de maand ouderschapsverlof (of voor de 7de en 8ste maand bij halftijdse onderbreking of voor de 16de tot de 20ste maand bij 1/5 onderbreking) nog een uitkering als het kind is geboren of werd geadopteerd vanaf 8 maart 2012. Voor de kinderen die vóór die datum zijn geboren, kunt u ouderschapsverlof zonder uitkering krijgen. Neem voor meer informatie over ouderschapsverlof en de andere thematische verloven contact op met uw personeelsdienst, uw vakbond of uw plaatselijke RVA-kantoor of lees de brochure van de RVA.

Procedure


Wilt u ouderschapsverlof nemen, dan moet u uw werkgever drie maanden op voorhand schriftelijk waarschuwen, per aangetekend schrijven of door afgifte van een brief waarvan het dubbel voor ontvangst wordt ondertekend door de werkgever. In de openbare sector en het onderwijs is het mogelijk dat er andere termijnen gelden. U vraagt het ouderschapsverlof aan met het aanvraagformulier van de RVA (er is een apart formulier voor werknemers van de autonome overheidsbedrijven Bpost, Proximus, NMBS en Belgocontrol). Het eerste deel vult u zelf in, het tweede deel vult uw werkgever in. U stuurt het volledig ingevulde en ondertekende formulier daarop aangetekend naar uw plaatselijke RVA-kantoor. Daar moet het ten laatste twee maanden na het begin van uw verlof aankomen. Als u uw ouderschapsverlof opsplitst of als u de verschillende vormen (niet, halftijds of 4/5 werken) wilt combineren, dan moet u voor elke aparte periode een aanvraag indienen. U kunt uw dossier online raadplegen op de portaalsite van de sociale zekerheid. Om toegang te hebben, moet u een elektronische identiteitskaart met een kaartlezer hebben, ofwel een federaal token. Via de online toepassing Break@Work krijgt u een overzicht van het aantal maanden en dagen tijdskrediet, loopbaanonderbreking of thematisch verlof (niet Vlaams zorgkrediet) waarop u nog recht hebt.

Wat Meebrengen


bedrag

Bedrag


Tijdens uw ouderschapsverlof krijgt u van de RVA een vervangingsinkomen. Alleen als uw kind geboren of geadopteerd werd vanaf 8 maart 2012, hebt u ook voor de vierde maand recht op een uitkering. Boven op die onderbrekingsuitkering hebt u mogelijk nog recht op een extra aanmoedigingspremie van de Vlaamse overheid, op voorwaarde dat u in de privésector of de socialprofitsector werkt.

Links


Ouderschapsverlof

BevoegdeOverheidsdiensten


Federale overheid

AfleverendeDiensten


Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening

Geografische Toepassingsgebieden