AANGEKONDIGDE WERKEN RIJWEGDEKSELS PERIODE 6 TOT 14 JULI



Het college van burgemeester en schepenen brengt graag volgende werken onder uw aandacht in de periode van 6 juli tot en met 14 juli 2023:

  1. vernieuwen rijwegdeksel ter hoogte van de Constant Permekelaan huisnummer 19
  2. vernieuwen rijwegdeksel langs de Gistelsteenweg ter hoogte van de Nieuwenhovedreef huisnummer 36a


1. Vernieuwen rijwegdeksel ter hoogte van de Constant Permekelaan huisnummer 19 - 6 tot en met 9 juli

Artikel 1.
Toelating wordt verleend aan de aanvrager om aanvullende verkeerstekens op de openbare weg te plaatsen zoals bepaald in dit besluit. Deze toelating is geldig voor de duur van de werken die de aanvrager zal uitvoeren in Constant Permekelaan t.h.v. huisnummer 19 gedurende 5 werkdagen in de periode van 10/07/2023 t.e.m. 14/07/2023
Artikel 2.
De volgende aanvullende verkeerstekens dienen te worden geplaatst:
§1 Signalisatie op afstand

  1. Gevaarsbord A31 (werken) op 150 meter.
  2. Gevaarsbord A7 (rijbaanversmalling) op 150 meter.
  3. Verbodsbord C35 (inhaalverbod) op 150 meter.
  4. Voorrangsbord B19 (zijde werkzone) en B21 (zijde tegenliggend verkeer) op 10 meter.

§2 Signalisatie ter plaatse aan het begin van de werf

  1. Hek met dwarsregel met afwisselend rode en witte strepen (overeenkomstig bijlage 4, type I van het ministerieel besluit van 07.05.1999) of hek met rood en wit raster (overeenkomstig bijlage 4, type II van het ministerieel besluit van 07.05.1999).
  2. Minimum één oranje-gele knipperlicht

§3 Zijdelingse signalisatie

  1. Gang aanbrengen van 1,50 meter indien gebruikt door 1 categorie van zwakke weggebruiker
  2. Gang aanbrengen van tenminste 2.00m indien gebruikt door meerdere categorieën

§4 Afbakening

  1. Scheiding van de zwakke weggebruiker en ander verkeer: d.m.v. bakens voor zijdelingse signalisatie.( = bakens met 5 strepen ) voorzien van oranje-gele knipperlichten(kegelhoogte minstens 0.40m)
  2. Scheiding van zwakke weggebruikers en werf bij niveauverschil van minder dan 0.20m: d.m.v. verkeerskegels met minimale hoogte van 0.40m en ten hoogste 0.50m van elkaar geplaatst en voorzien van oranje-gele knipperlichten
  3. Scheiding van zwakke weggebruikers en werf bij niveauverschil van meer dan 0.20 m: plaatsing over de volledige lengte van een stevige inrichting of beschermnet met oranje-gele knipperlichten.

§5 Signalisatie van het einde van de werf

  1. Aanwijzingsbord F47 (einde werken) op ten hoogste 25 meter voorbij de werf.
  2. Verbodsbord C46 (einde verbodsbepalingen) op ten hoogste 25 meter voorbij de werf.
  3. Bord verantwoordelijke signalisatie op ten hoogste 30 meter.

§6 Extra signalisatie

  1. Stilstaan en parkeerverbod
  2. Wegomlegging

Artikel 3.
De signalisatie van de werken moet aangebracht worden met de meeste zorg en moet tijdens de volledige duur van de werken zuiver en in stand gehouden worden zodanig dat zij voor de weggebruikers identificeerbaar blijft.
Artikel 4.
Deze toelating moet zich op de werf bevinden en vertoond worden op elk verzoek van de bevoegde overheid.
Artikel 5.
De werken mogen slechts beginnen wanneer de signalisatie aangebracht is.
Artikel 6.
§1 Al de verkeersborden moeten van het retroreflecterend type of van het type met eigen verlichting zijn.
§2 De afwisselende witte en rode strepen op de hekken, de bakens en de verkeerskegels, moeten retroreflecterend zijn.
§3 De bepalingen betreffende de afmetingen en de plaatsing van de verkeerstekens, voorzien in het ministerieel besluit van 11.10.1976, waarbij de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald, zijn van toepassing.

Artikel 7.
Buiten de werkuren, onder meer 's avonds evenals gedurende de weekends en telkens als het werk voor een bepaalde tijd onderbroken wordt, worden de verkeersborden die er dan niet meer nodig zijn, bedekt of weggenomen.
Artikel 8.
§ 1. Wanneer een verlichtingstoestel voorzien is, werkt het tussen het vallen van de avond en het aanbreken van de dag en in alle omstandigheden wanneer het niet meer mogelijk is duidelijk te zien tot op een afstand van ongeveer 200 meter.
§ 2. Bij helder weer moet de verlichting de signalisatie zichtbaar maken op ten minste 150 meter.

Artikel 9.
Indien aan het begin van de werf een hek geplaatst wordt, beslaat het een breedte die minstens gelijk is aan deze welke nodig is om de werken in alle veiligheid te kunnen uitvoeren.
Artikel 10.
De aanvrager is gehouden de voorschriften van het ministerieel besluit van 07.05.1999 betreffende het signaleren van werken en verkeersbelemmeringen op de openbare weg, na te leven.
Artikel 11.
Indien de signalisatie niet werd aangebracht volgens de vigerende wettelijke voorschriften, zal dit door toedoen van het gemeentebestuur gebeuren op kosten van de aanvrager en dat deze werken dienen gesignaleerd te worden voor de weggebruikers;



2. Vernieuwen rijwegdeksel langs de Gistelsteenweg ter hoogte van de Nieuwenhovedreef huisnummer 36a - 10 tot en met 14 juli

Artikel 1.
Toelating wordt verleend aan de aanvrager om aanvullende verkeerstekens op de openbare weg te plaatsen zoals bepaald in dit besluit. Deze toelating is geldig voor de duur van de werken die de aanvrager zal uitvoeren ter hoogte van Gistelsteenweg binnen de periode van 5 werkdagen 10/07/2023 tot 14/07/2023.
Artikel 2.
De volgende aanvullende verkeerstekens dienen te worden geplaatst:
§ 1. Signalisatie op afstand

  1. Gevaarsbord A31 (werken) met onderbord 50 meter.
  2. Gevaarsbord A31 (werken) met onderbord type I te plaatsen op aangepaste afstand indien de plaatsgesteldheid dit vereist
  3. Voorrangsbord B19 (zijde werkzone) en B21 (zijde tegenliggend verkeer) op 10 meter.
  4. Verbodsbord C43 (30km/h) 25m
  5. Inhaalverbod C35, 25m
  6. Gevaarsbord A33 Driekleurige lichten op 50m
  7. Driekleurige lichten afhankelijk van plaatsgesteldheid.

2. Signalisatie ter plaatse aan het begin van de werf

  1. Hek met dwarsregel met afwisselend rode en witte strepen (overeenkomstig bijlage 4, type I van het ministerieel besluit van 07.05.1999) of hek met rood en wit raster (overeenkomstig bijlage 4, type II van het ministerieel besluit van 07.05.1999).
  2. Minimum één oranje-gele knipperlicht

§3. Zijdelingse signalisatie

  1. Gang aanbrengen van 1,50 meter indien gebruikt door 1 categorie van zwakke weggebruiker
  2. Gang aanbrengen van tenminste 2.00m indien gebruikt door meerdere categorieën

§4 Afbakening.

  1. Scheiding van de zwakke weggebruiker en ander verkeer: d.m.v. bakens voor zijdelingse signalisatie (= bakens met 5 strepen ) voorzien van oranje-gele knipperlichten(kegelhoogte minstens 0.40m)
  2. Scheiding van zwakke weggebruikers en werf bij niveauverschil van minder dan 0.20m: d.m.v. verkeerskegels met minimale hoogte van 0.40m en ten hoogste 0.50m van elkaar geplaatst en voorzien van oranje-gele knipperlichten
  3. Scheiding van zwakke weggebruikers en werf bij niveauverschil van meer dan 0.20 m: plaatsing over de volledige lengte van een stevige inrichting of beschermnet met oranjegele knipperlichten.

§5 Signalisatie van het einde van de werf

  1. Aanwijzingsbord F47 (einde werken) op ten hoogste 25 meter voorbij de werf.
  2. Verbodsbord C46 (einde verbodsbepalingen) op ten hoogste 25 meter voorbij de werf.
  3. Bord verantwoordelijke signalisatie op ten hoogste 30 meter.

§6 Extra signalisatie

  1. Stilstaan en parkeerverbod
  2. Wegomlegging

Artikel 3.
De signalisatie van de werken moet aangebracht worden met de meeste zorg en moet tijdens de volledige duur van de werken zuiver en in stand gehouden worden zodanig dat zij voor de weggebruikers identificeerbaar blijft.
Artikel 4.
Deze toelating moet zich op de werf bevinden en vertoond worden op elk verzoek van de bevoegde overheid.
Artikel 5.
De werken mogen slechts beginnen wanneer de signalisatie aangebracht is.
Artikel 6.
§1 Al de verkeersborden moeten van het retroreflecterend type of van het type met eigen verlichting zijn.
§2 De afwisselende witte en rode strepen op de hekken, de bakens en de verkeerskegels, moeten retroreflecterend zijn.
§3 De bepalingen betreffende de afmetingen en de plaatsing van de verkeerstekens, voorzien in het ministerieel besluit van 11.10.1976, waarbij de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald, zijn van toepassing.

Artikel 7.
Buiten de werkuren, onder meer 's avonds evenals gedurende de weekends en telkens als het werk voor een bepaalde tijd onderbroken wordt, worden de verkeersborden die er dan niet meer nodig zijn, bedekt of weggenomen.
Artikel 8.
§1 Wanneer een verlichtingstoestel voorzien is, werkt het tussen het vallen van de avond en het aanbreken van de dag en in alle omstandigheden wanneer het niet meer mogelijk is duidelijk te zien tot op een afstand van ongeveer 200 meter.
§2 Bij helder weer moet de verlichting de signalisatie zichtbaar maken op ten minste 150 meter.

Artikel 9.
Indien aan het begin van de werf een hek geplaatst wordt, beslaat het een breedte die minstens gelijk is aan deze welke nodig is om de werken in alle veiligheid te kunnen uitvoeren.
Artikel 10.
De aanvrager is gehouden de voorschriften van het ministerieel besluit van 07.05.1999 betreffende het signaleren van werken en verkeersbelemmeringen op de openbare weg, na te leven.
Artikel 11.
Indien de signalisatie niet werd aangebracht volgens de vigerende wettelijke voorschriften, zal dit door toedoen van het gemeentebestuur gebeuren op kosten van de aanvrager en dat deze werken dienen gesignaleerd te worden voor de weggebruikers.


 



(laatst gewijzigd:4/07/2023)
Nieuws /