GEMEENTELIJK SUBSIDIEREGLEMENT SPORTVERENIGINGEN IMPULSSUBSIDIE



Gelet op artikel 42, §1 en §3, Gemeentedecreet;

Gelet op de wet van 16 juli 1973 betreffende de bescherming van de ideologische en filosofische strekkingen;

Gelet op het decreet van 28 januari 1974 betreffende het cultuurpact en meer bepaald artikel 3, par. 1 en artikelen 6 en 10;

Gelet op de wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van gemeentelijke subsidies, inzonderheid de artikelen 3 en 7, eerste lid, 1° en artikel 9, eerste lid;

Gelet op het Decreet van 9 maart 2007 houdende de subsidiëring van gemeentebesturen, provinciebesturen en de Vlaamse Gemeenschapscommissie voor het voeren van een Sport voor Allen – beleid – bepalingen tot het verkrijgen van de impulssubsidie ;

Gelet op het Besluit van de Vlaamse regering van 19 juli 2007 en van 19 september 2008 ter uitvoering van het Decreet van 9 maart 2007 houdende de subsidiëring van gemeentebesturen, provinciebesturen en de Vlaamse Gemeenschapscommissie voor het voeren van een Sport voor Allen -beleid – algemene bepalingen en bepalingen tot het verkrijgen van de beleidssubsidie – en – bepalingen tot het verkrijgen van de impulssubsidie;

Gelet op de panathlonverklaring over de ethiek in de jeugdsport die de rechten van het kind in de sport centraal stelt;

Gelet op het belang dat de gemeenteraad hecht aan het vrijwilligerswerk in de sport;

Gelet op het advies van de gemeentelijke sportraad;

Gelet op de wetgeving ter zake;

Op voorstel van het College van Burgemeester en Schepenen.

 Artikel 1 - betoelaging 

De betoelaging van de impulssubsidie van het huidige werkjaar gebeurt steeds op basis van de gegevens uit het voorgaande werkjaar volgens de beschikbare budgetten voorzien op de begroting.

 Artikel 2 

Het gemeentebestuur behoudt zich het recht voor de gegeven informatie en bewijsstukken te laten verifiëren. Indien blijkt dat de aangifte niet in overeenstemming is met de werkelijkheid, komt de betrokken sportvereniging voor het betrokken jaar niet meer in aanmerking voor de in onderhavig besluit gereglementeerde toelage.

 Artikel 3  - procedures

  • Toelagen via de impulssubsidie voor de sport kan men bekomen door een aanvraag te richten aan het gemeentebestuur. Het reglement is ten allen tijde beschikbaar bij het gemeentebestuur.
  • Het aanvraagdossier kan bij het gemeentebestuur worden verkregen tussen 1 juni en 30 augustus.
  • De dossiers moeten uiterlijk tegen 31 augustus worden ingediend.
  • De toelagen worden berekend op basis van de gegevens die vallen tussen 1 augustus van het vorig werkingsjaar en 31 juli van het aanvraagjaar.
  • De verdeling en bekendmaking van de toelagen gebeurt voor 15 november.
  • Tussen 1 december en 15 december kan beroep aangetekend worden bij het college van burgemeester en schepenen of bij de toezichthoudende overheid. Uitbetaling van de toelagen zal gebeuren vóór 31 december van hetzelfde jaar.

 Artikel 4 

Enkel de door het gemeentebestuur erkende competitieve of recreatieve sportverenigingen kunnen een impulssubsidies ontvangen mits ze aangesloten zijn bij een door de Vlaamse Overheid erkende Vlaamse sportfederatie (dit artikel is pas geldig vanaf 2010 – in 2009 kunnen ook andere verenigingen die niet aangesloten zijn bij een erkende Vlaamse sportfederatie van deze subsidie genieten).

 Artikel 5 

Alle facturen uitgaande v/d gemeente of v/e gemeentelijke VZW moeten tijdig betaald worden. Indien een sportvereniging in gebreke blijft, dan wordt de impulssubsidie pas uitbetaald na vereffening van de openstaande facturen.

 Artikel 6 

DEFINITIES

  • Impulssubsidie: subsidie die door de Vlaamse Regering wordt toegekend aan een gemeente wanneer voldaan wordt aan de voorwaarden betreffende het impulsbeleid voor de jaren 2009, 2010, 2011, 2012 en 2013.
  • Jeugdsport: sportparticipatie van kinderen en jongeren tot en met achttien jaar.
  • Jeugdsportbegeleider: (JSB) een sporttechnische begeleider voor jeugdsport die actief is in een erkende sportvereniging.
  • Jeugdsportcoördinator: (JSC) een sportgekwalificeerde jeugdsportbegeleider die het jeugdsportbeleid in een erkende sportvereniging coördineert op het sporttechnisch, beleidsmatige en organisatorische vlak.
  • VTS: Vlaamse Trainerschool

 Artikel 7: Doel subsidie 

Met deze subsidie wil de gemeente samen met de Vlaamse overheid de kwaliteit van de JSB en JSC in de sportverenigingen die aangesloten zijn bij een erkende Vlaamse sportfederatie verbeteren.

 Artikel 8: Reglement 

  • Elke actieve sportvereniging die aan de gemeentelijke erkenningvoorwaarden voldoet, aangesloten is bij een erkende Vlaamse Sportfederatie en een aanvraag richt tot het gemeentebestuur binnen de vooropgestelde termijn kan een impulssubsidie ontvangen. De berekening gebeurt via een puntensysteem.
  • Subsidie Vlaamse overheid: € 0,80 x aantal inwoners Voor Jabbeke betekent dit een impulssubsidie voor 2009 + € 10.940. Dit bedrag wordt jaarlijks berekend volgens het aantal inwoners op 1 januari van het vorige kalenderjaar. Het volledige bedrag van de impulssubsidie, rekening houdend met de inwonersstijging of -daling en indexatie, zal hieraan besteed worden.

Dit reglement kan op advies van de sportraad jaarlijks geëvalueerd en waar nodig na overleg aangepast worden.

1. Werken met een gekwalificeerde JSC

  • De sportvereniging beschikt over een gekwalificeerde JSC verbonden aan en actief werkzaam in de sportvereniging: 10 punten
  • De gekwalificeerde JSC is aanwezig op de jaarlijkse vorming of overleg ingericht door de gemeente/IGOS: 5 punten/vorming of overleg

2. JSB en/of JSC volgden een erkende VTS cursus met goed gevolg.

  • Per JSB en/of JSC en per gevolgde cursus worden punten toegekend op basis van volgende criteria:
  • aantal JSB en JSC uit uw sportvereniging die de cursus met goed gevolg volgden: 10 punten per JSB of JSC
  • Niveau van de gevolgde VTS cursus:
    • instapniveau ABO: 5 punten
    • initiator/JSB: 10 punten
    • trainer B: 15 punten
    • trainer A: 20 punten
    • JSC: 25 punten

3. De gekwalificeerde JSC of gekwalificeerde JSB volgden een bijscholing die in onmiddellijk verband staat met de kwaliteit van de jeugdsportbegeleiding specifiek voor de werking van de aanvragende sportvereniging. Per JSB of JSC en per gevolgde cursus worden punten toegekend op basis van volgende criteria:

  • aantal JSB en JSC uit uw sportvereniging die de bijscholing met goed gevolg volgden: 5 punten per JSB of JSC

4. De sportvereniging organiseert een vorming of bijscholing voor haar JSB en JSC. Per ingerichte cursus worden punten toegekend op basis van volgende criteria:

  • de cursus wordt volledig zelfstandig georganiseerd door de sportvereniging en is uitsluitend op eigen JSB en JSC gericht: 20 punten
  • de cursus wordt georganiseerd in samenwerking met een andere instantie (bvb. Federatie, liga, provinciale afdeling, andere club) en staat ook open voor JSB en JSC van andere sportverenigingen : 10 punten
  • aantal JSB en/of JSC van eigen club: 5 punten per JSB of JSC

5. Werken met gekwalificeerde JSB en JSC

  • initiator/JSB: 10 punten
  • trainer B/regent LO/licenciaat LO/bachelor LO/Master LO: 15 punten
  • trainer A: 20 punten
  • JSC: 25 punten

Afschriften van de betrokken brevetten of diploma’s, bewijs van deelname aan VTS cursussen, bewijs van geslaagd zijn en bewijs van organisatie vorming of bijscholing moeten bij de aanvraag gevoegd worden.

 Artikel 9 - Uitvoering 

Het college van burgemeester en schepenen is belast met de uitvoering van deze beslissing.

 Artikel 10 - Inbreuken 

Sportverenigingen, die de voorwaarden van onderhavig reglement niet naleven, worden door het College van Burgemeester en Schepenen gedwongen tot gehele of gedeeltelijke terugbetaling van de toelage. Ze kunnen ook van verdere betoelaging uitgesloten worden.

 Artikel 11 

Dit reglement wordt toegezonden aan de toezichthoudende overheid.

 Artikel 12 

Onderhavig reglement treedt in werking op 1 januari 2009.



(laatst gewijzigd:14/08/2023)