30003 - 21/10/2020 - Politiebesluit gouverneur West-Vlaanderen - plicht tot het dragen en het bij zich hebben van een mondneusmasker op het grondgebied van de provincie West-Vlaanderen




De gouverneur van de provincie West-Vlaanderen,

Gelet op artikel 128 van de provinciewet van 30 april 1836;

Gelet op de artikelen 4, 5, 7, 8 en 11 van de Wet op het Politieambt van 5 augustus 1992;

Gelet op artikel 65 van het Provinciedecreet van 9 september 2005;

Gelet op artikel 28 van het Koninklijk Besluit van 22 mei 2019 betreffende de noodplanning en het beheer van noodsituaties op het gemeentelijke en provinciaal niveau en betreffende de rol van de burgemeesters en provinciegouverneurs in geval van crisisgebeurtenissen;

Gelet op het Ministerieel besluit van 13 maart 2020 houdende de afkondiging van de federale fase betreffende de coördinatie en het beheer van de crisis coronavirus COVID-19;

Gelet op het Ministerieel besluit van 30 juni 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken, zoals gewijzigd bij ministeriële besluiten van 10 juli 2020, 24 juli 2020, 28 juli 2020, 22 augustus en 25 september 2020;

Gelet op het ministerieel schrijven van 24 juli 2020 van de Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, belast met Buitenlandse Handel Pieter De Crem inzake het beheer van de federale fase en de uitvoering van de lokale maatregelen;

Gelet op de omzendbrief van 20 december 2003 betreffende de taken die de provinciale overheden voor de Federale Overheidsdiensten Binnenlandse Zaken uitoefenen;

Gelet op het politiebesluit van 28 augustus 2020 houdende de plicht om een mondmasker bij zich te hebben op de zeedijk op het grondgebied van de provincie West-Vlaanderen;

Gelet op het politiebesluit van 25 september 2020 van de provinciegouverneur van West-Vlaanderen houdende de plicht een mondmasker te dragen langs het parcours van wielerwedstrijden op het grondgebied van de provincie West-Vlaanderen en een verbod op particulier gebruik van drones langsheen het parcours van wielerwedstrijden in de provincie West-Vlaanderen;

Gelet op het voorzorgsbeginsel dat inhoudt dat wanneer een ernstig en potentieel risico met een zekere mate van waarschijnlijkheid wordt ontdekt, het aan de overheid is om dringende en voorlopige beschermingsmaatregelen te nemen op het meest geschikte niveau;

Gelet op het overleg van 1 oktober 2020 tussen de gouverneur, de Vlaamse gezondheidsinspecteur en de burgemeesters van de provincie West-Vlaanderen;

Overwegende de verklaring van de Wereldgezondheidsorganisatie met betrekking tot de noodtoestand inzake de openbare gezondheid op internationaal niveau van 30 januari 2020, in het bijzonder met betrekking tot de besmettelijkheid en het sterfterisico;

Overwegende dat het coronavirus COVID-19 als een pandemie werd verklaard door de Wereldgezondheidsorganisatie op 11 maart 2020, met een aanzienlijke verspreiding binnen Europa en België;

Overwegende dat de gouverneur in de provincie zorgt voor het handhaven van de openbare orde, te weten de openbare rust, veiligheid en gezondheid;

Overwegende dat in toepassing van het ministerieel besluit van 30 juni 2020 houdende de dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken, zoals gewijzigd door het Ministerieel besluit van 24 juli 2020, er aanvullende preventieve voorzorgsmaatregelen genomen kunnen worden;

Overwegende dat sinds juli het aantal besmettingen terug in stijgende lijn zit en dat dit inhoudt dat het virus nog niet van het Belgische grondgebied verdwenen is en blijft circuleren;

Overwegende· dat het aantal besmettingen en het aantal opnames in de ziekenhuizen en in intensieve zorgen in de provincie West-Vlaanderen blijft stijgen; dat in de provincie West-Vlaanderen de incidentie van nieuwe gevallen per 100.000 inwoners 85 in 14 dagen bedraagt en de positiviteitsratio 2,8 % is;

Overwegende dat het Ministerieel besluit van 25 september 2020 houdende wijziging van het ministerieel besluit van 30 juni 2020 houdende de dringende maatregelen om de verspreidfng van het coronavirus COVID-19 te beperken, echter voorziet in een versoepeling van de voorschriften rond het dragen van een mondneusmasker;

Overwegende dat de burgers duidelijk geïnformeerd moeten worden over de plaatsen en het tijdstip waarop het mondneusmasker verplicht moet worden gedragen, dat er dan ook een aanplakking met vermelding van de aangeduide periode en dat die effectief moet overeenkomen met de uren van verwachte volkstoeloop of van hoog transmissierisico;

Overwegende dat de regels met betrekking tot het dragen en het bij zich hebben van een mondneusmasker verschillen van gemeente tot gemeente, en dat een duidelijke en uniforme regelgeving aangewezen is die geldt voor alle gemeenten gelegen in de provincie West-Vlaanderen;

Overwegende dat de federale maatregelen voorzien in een aanbeveling aan de bevolking tot het dragen van een mondneusmasker voor elke situatie waarin de regels van social distancing niet kunnen worden nageleefd, om verdere verspreiding van het virus tegen te gaan; dat het dragen van een mondneusmasker verplicht is in bepaalde inrichtingen en bepaalde specifieke situaties; dat het mondneusmasker alleen voor de strikt noodzakelijke tijd mag worden afgezet, met name om te drinken en te eten, om de neus te snuiten of om te liplezen voor doven en slechthorenden; dat het louter gebruik van een mondneusmasker echter niet volstaat en dat het steeds gepaard moet gaan met de andere preventiemaatregelen; dat de social distancing de belangrijkste en prioritaire preventiemaatregel blijft;

Overwegende dat het dragen van een mondneusmasker ten zeerste wordt aanbevolen in situaties waarin de regels van sociale distancing niet kunnen worden nageleefd en het om deze reden aangewezen is om op het gehele grondgebied van de provincie West-Vlaanderen te allen tijde verplicht een mondneusmasker of elk alternatief in stof bij zich te hebben;

Overwegende dat, hoewel de meerderheid van de activiteiten opnieuw is toegelaten, het evenwel noodzakeliJk is om bijzondere aandacht te besteden aan activiteiten die een aanzienlijk risico op verspreiding van het virus met zich meebrengen;

Overwegende dat het dragen van een mondneusmasker noodzakelijk blijft op drukke plaatsen waar meer mensen samenkomen en het moellijk is om de regels inzake social distancing na te leven; dit is op het gehele grondgebied van de provincie WestVlaanderen het geval voor markten, kermissen, evenementen, recyclageparken en alle voor het publiek toegankelijke gebouwen, alsook voor toeschouwers bij sportactiviteiten;

Overwegende dat het voor de duidelijkheid en uniformiteit derhalve aangewezen is dat het dragen van een mondneusmasker verplicht is voor toeschouwers van alle sportactiviteit die plaatsvinden op het grondgebled van de provincie West-Vlaanderen; hetzelfde geldt voor markten, kermissen, evenementen, recyclageparken en alle voor het publiek toegankelijke gebouwen;

Overwegende dat één week voor en één week na Allerheiligen een verhoogde drukte wordt verwacht op begraafplaatsen;

Overwegende dat de mondneusmaskerplicht in winkelstraten door de burgemeesters wordt geregeld, waarbij dit op een duidelijke wijze wordt geafficheerd in het straatbeeld;

Overwegende dat bij hoogdringendheid via een permanente monitoring van de medische, bestuurlijke en politionele gegevens, ad hoc of lokaal bijsturende maatregelen kunnen worden genomen, mits overleg met de gouverneur;

Om die redenen,

BESLUIT

Art. 1:
Ter vrijwaring van de openbare veiligheid en gezondheid in het licht van het tegengaan van de verspreiding van het coronavirus Covid-19, is het voor alle personen vanaf de leeftijd van 12 jaar verplicht om op het gehele grondgebied van de provincie West-Vlaanderen ten allen tijde een mondneusmasker, of elk ander alternatief in stof bij zich te hebben en te kunnen tonen op vraag van de politie.

Art. 2:
Voor alle personen vanaf de leeftijd van 12 jaar is het te allen tijde verplicht een mondneusmasker of elk ander alternatief in stof te dragen op volgende plaatsen op het grondgebied van de provincie West-Vlaanderen:
-in alle voor het publiek toegankelijke gebouwen (gemeentehuis, sporthal, bibliotheek, etc.), ·met uitzondering wanneer men neerzit en op voorwaarde dat de veiligheidsafstand van 1,5 meter en de andere algemene regels om de verspreiding van het virus tegen te gaan worden gerespecteerd (zoals de 6 gouden regels);
-op alle markten (brocante, jaarmarkten, rommelmarkten ... );
-op kermissen en evenementen;
-in de recyclageparken;
-als toeschouwer van een sportactiviteit (trainingen, wedstrijden, oefenmatchen, tornooien, … );
-op alle begraafplaatsen" 1 week voor en 1 week na Allerheiligen (van 24 oktober 0u00 tot en met 8 november 24u00).

Art.3:
De personen die in de onmogelijkheid zijn een mondneusmasker, een alternatief in stof of een gelaatsscherm te dragen omwille van medische redenen, gestaafd door een medisch attest, moeten niet voldoen aan de bepalingen van de artikelen 1 en 2 van dit politiebesluit ..

Art. 4:
De burgemeesters als officier van bestuurlijke politie en als hoofd van de lokale politiediensten zijn belast met de uitvoering van dit politiebesluit en oefenen hierop het toezicht en de handhaving uit of doen dit uitvoeren.

Art. 5:
De inbreuken op dit politiebesluit kunnen worden beteugeld met de straffen bepaald door artikel 187 van de wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid.

Art. 6:
§1.Dit politiebesluit treedt In werking op 3 oktober 2020. Dit politiebesluit kan te allen tijde en onbeperkt herzien worden in het licht van de verdere evolutie van de gezondheidsrisico's.
§2.Dit politiebesluit vervangt het politiebesluit van 28 augustus 2020 houdende de plicht om een mondneusmasker bij zich te hebben op de zeedijk op het grondgebied van de provincie West-Vlaanderen.

Art. 7:
Onderhavig politiebesluit wordt overgemaakt voor uitvoering aan:
- De burgemeesters behorend tot de provincie West-Vlaanderen;
- De korpschefs van de lokale politiezones van West-Vlaanderen;
- De directeur-coördinator van de federale politie van de provincie West-Vlaanderen;

Onderhavig politiebesluit wordt ter kennisgeving overgemaakt aan:
- de Eerste minister, Alexander De Croo;
- de minister van Binnenlandse Zaken, Annelies Verlinden;
- de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Frank Vandenbroucke ;
- de minister-president van de Vlaamse regering, Jan Jambon;
- de Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Wouter Beke;
- de Vlaamse minister van onderwijs, sport, dierenwelzijn en Vlaamse rand, Ben Weyts;
- de gouverneur van de provincie Oost-Vlaanderen;
- de gouverneur van de provincie Vlaams-Brabant;
- de gouverneur van de provincie Antwerpen;
- de gouverneur van de provincie Limburg;
- de gouverneur van de provincie Henegouwen;
- de gouverneur van de provincie Waals-Brabant;
- de gouverneur van de provincie Namen;
- de gouverneur van de provincie Luik;
- de gouverneur van de provincie Luxemburg;
- de minister-president van de Brusselse Hoofdstedelijke regering, Rudi Vervoort
- de Hoge Ambtenaar van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
- de commissaris van de Koning van de provincie Zeeland;
- de Préfet du Nord et Hauts-de-France;
- de Procureur des Konings van West-Vlaanderen;
- de directeur-generaal van het Crisiscentrum;
- de federale en regionale gezondheidsinspecteurs;

Onderhavig politiebesluit zal worden aangeplakt aan de gemeentelijke aanplakborden van de gemeenten waar dit politiebesluit van toepassing Is en zal worden bekend gemaakt op de websites van de gemeenten waar dit politiebesluit van toepassing is en op de website van het provinciebestuur van West-Vlaanderen.

(laatst gewijzigd:21-10-2020)